7.Zingt nu blij te moê
Eere- en LofzangenPresentatie
1
Zingt nu blij te moê
't machtig Opperwezen
ene lofzang toe;
Om ons heilgenot
worde Jakobs God
met gejuich geprezen.
't machtig Opperwezen
ene lofzang toe;
Om ons heilgenot
worde Jakobs God
met gejuich geprezen.
2
Zingt een psalm, en geeft
trommels aan de reijen.
Wat in Isr'el leeft
roep' Zijn grootheid uit;
harp en zachte luit
moet Zijn roem verbreijen!
trommels aan de reijen.
Wat in Isr'el leeft
roep' Zijn grootheid uit;
harp en zachte luit
moet Zijn roem verbreijen!
3
Opent uwe mond
eist van Mij vrijmoedig
op Mijn trouwverbond;
al wat u ontbreekt,
schenk Ik, zo gij 't smeekt,
mild en overvloedig.
eist van Mij vrijmoedig
op Mijn trouwverbond;
al wat u ontbreekt,
schenk Ik, zo gij 't smeekt,
mild en overvloedig.