Spring naar inhoud

454.Zij legden hunne gaven

GelegenheidsliederenslideshowPresentatie
1
Zij legden hunne gaven,
gewillig voor Gods troon,
en liefde tot de Heiland,
bleek uit dit eerbetoon.
Ook brachten zij de armen,
met blijdschap 't aardse deel,
uit liefde tot de Heiland,
was hun geen gaaf te veel.
RefreinWilt brengen uwe gaven,
tot Jezus, onze Vriend.
Hij zij met heel ons harte,
in eeuwigheid gediend.
2
Doch eenzaam en verlaten,
van al die gevers stond,
een zwerv'ling zonder gave,
't geen hij heel treurig vond.
Hij nadert tot de Heiland.
Beschaamd, daar hij niets heeft,
met tranen in de ogen.
En met een stem die beeft.
RefreinWilt brengen uwe gaven,
tot Jezus, onze Vriend.
Hij zij met heel ons harte,
in eeuwigheid gediend.
3
O Heer, roept hij al zuchtend,
ik weet hoe goed Gij zijt,
mijn trotse hart is 't offer,
dat ik U heden wijd.
De Heiland antwoordt vriend'lijk:
die gaaf Ik niet veracht,
gij hebt van alle gevers,
Mij 't allermeest gebracht.
RefreinWilt brengen uwe gaven,
tot Jezus, onze Vriend.
Hij zij met heel ons harte,
in eeuwigheid gediend.