348.Zijn grondslag, Zijn onwrikb're
Openingsliederen en SlotzangenPresentatie
1
Zijn grondslag, Zijn onwrikb're vastigheden
heeft God gelegd op bergen, Hem gewijd!
De Heer, die Zich in Zions heil verblijdt,
bemint het meer dan alle Jacobs steden.
heeft God gelegd op bergen, Hem gewijd!
De Heer, die Zich in Zions heil verblijdt,
bemint het meer dan alle Jacobs steden.
2
Men spreekt van u zeer herelijke dingen,
o schone stad van Isrels Opperheer!
'k Zie Rahab, ik zie Babel, tot uw eer,
bij hen geteld, die mijne grootheid zingen
o schone stad van Isrels Opperheer!
'k Zie Rahab, ik zie Babel, tot uw eer,
bij hen geteld, die mijne grootheid zingen
3
De Filistijn, de Tyrier, de Moren,
zijn binnen u, o Godstad! voortgebracht;
van Zion zal het blijde nageslacht
haast zeggen: "Deez' en die is daar geboren".
zijn binnen u, o Godstad! voortgebracht;
van Zion zal het blijde nageslacht
haast zeggen: "Deez' en die is daar geboren".
4
God zal hen zelf bevestigen en schragen,
en op Zijn rol, daar Hij de volken schrijft,
hun tellen, als in Isrel ingelijfd,
en doen de naam van Zions kind'ren dragen.
en op Zijn rol, daar Hij de volken schrijft,
hun tellen, als in Isrel ingelijfd,
en doen de naam van Zions kind'ren dragen.
5
Dan wordt Mijn naam met lofgejuich geprezen;
dan zullen daar de blijde zangers staan,
de speelliên op de harp en cimbel slaan,
en binnen u al Mijn fonteinen wezen.
dan zullen daar de blijde zangers staan,
de speelliên op de harp en cimbel slaan,
en binnen u al Mijn fonteinen wezen.