313.'t Kan zijn in de morgen
De Wederkomst des HeerenPresentatie
1
't Kan zijn in de morgen bij 't zwichten van 't duister.
Als 't zonlicht de neev'len verdrijft door zijn luister.
Dat Jezus terugkeert, en Hij ied'ren kluister
der zijnen voor altijd verbreekt.
Als 't zonlicht de neev'len verdrijft door zijn luister.
Dat Jezus terugkeert, en Hij ied'ren kluister
der zijnen voor altijd verbreekt.
RefreinJezus, Heiland, hoe lang, hoe lang,
eer U ons feestgezang
tegen jubelt: halleluja! halleluja! amen,
halleluja! amen.
eer U ons feestgezang
tegen jubelt: halleluja! halleluja! amen,
halleluja! amen.
2
't Kan zijn op de middag of als reeds bij 't dalen.
De zon 't west verguldt met haar gloeiende stralen
dat Jezus Zijn grens stelt aan 't zwoegen en dwalen
Zijns volks in de rust hun bereid.
De zon 't west verguldt met haar gloeiende stralen
dat Jezus Zijn grens stelt aan 't zwoegen en dwalen
Zijns volks in de rust hun bereid.
RefreinJezus, Heiland, hoe lang, hoe lang,
eer U ons feestgezang
tegen jubelt: halleluja! halleluja! amen,
halleluja! amen.
eer U ons feestgezang
tegen jubelt: halleluja! halleluja! amen,
halleluja! amen.
3
O blijdschap, dan dreigt ons geen smart meer of sterven.
Dan zullen Gods strijders hun eerkroon verwerven.
Als God met Zijn Zoon ons de vreugde doet erven
die 't kruis onzes Konings bekroont.
Dan zullen Gods strijders hun eerkroon verwerven.
Als God met Zijn Zoon ons de vreugde doet erven
die 't kruis onzes Konings bekroont.
RefreinJezus, Heiland, hoe lang, hoe lang,
eer U ons feestgezang
tegen jubelt: halleluja! halleluja! amen,
halleluja! amen.
eer U ons feestgezang
tegen jubelt: halleluja! halleluja! amen,
halleluja! amen.