207.Ik heb een Vriend, o welk een
Gods Leiding en BeschermingPresentatie
1
Ik heb een Vriend, o welk een Vriend!
Hij mind' mij, eer 'k Hem kende;
Hij trok mij met het liefdekoord,
tot ik mij tot Hem wendde.
En om mijn hart ligt vast en hecht,
de band, die liefde smeedde;
want ik ben Zijn en Hij is mijn,
voor alle eeuwigheden.
Hij mind' mij, eer 'k Hem kende;
Hij trok mij met het liefdekoord,
tot ik mij tot Hem wendde.
En om mijn hart ligt vast en hecht,
de band, die liefde smeedde;
want ik ben Zijn en Hij is mijn,
voor alle eeuwigheden.
RefreinGod leidt ons, onze trouwe God
behoedt ons, o! wat heilgenot;
wat onverdiende zaligheid,
dat Hij met Vaderhand ons leidt.
behoedt ons, o! wat heilgenot;
wat onverdiende zaligheid,
dat Hij met Vaderhand ons leidt.
2
Ik heb een Vriend, o welk een Vriend!
Almacht is Hem gegeven,
Om mij te schenken aan het eind,
het eeuwig, zalig leven.
Zijn arm is sterk, Zijn hand bereid
om mij met kracht t' omkleden.
Op dan ten strijd, straks volgt de rust,
voor alle eeuwigheden.
Almacht is Hem gegeven,
Om mij te schenken aan het eind,
het eeuwig, zalig leven.
Zijn arm is sterk, Zijn hand bereid
om mij met kracht t' omkleden.
Op dan ten strijd, straks volgt de rust,
voor alle eeuwigheden.
RefreinGod leidt ons, onze trouwe God
behoedt ons, o! wat heilgenot;
wat onverdiende zaligheid,
dat Hij met Vaderhand ons leidt.
behoedt ons, o! wat heilgenot;
wat onverdiende zaligheid,
dat Hij met Vaderhand ons leidt.
3
Ik heb een Vriend, o welk een Vriend!
Zo lieflijk en waarachtig,
een goede Raadsman in de strijd,
een Helper, oppermachtig.
Wat kracht kan scheiden mij en Hem,
nog tussenbeide treden?
Of dood of leven? Neen! 'k ben Zijn
voor alle eeuwigheden.
Zo lieflijk en waarachtig,
een goede Raadsman in de strijd,
een Helper, oppermachtig.
Wat kracht kan scheiden mij en Hem,
nog tussenbeide treden?
Of dood of leven? Neen! 'k ben Zijn
voor alle eeuwigheden.
RefreinGod leidt ons, onze trouwe God
behoedt ons, o! wat heilgenot;
wat onverdiende zaligheid,
dat Hij met Vaderhand ons leidt.
behoedt ons, o! wat heilgenot;
wat onverdiende zaligheid,
dat Hij met Vaderhand ons leidt.