15.Verlosser, Vriend! o hoop, o lust
Eere- en LofzangenPresentatie
1
Verlosser, Vriend! o hoop, o lust
van die U kennen, neem het lied,
dat U in 't stof een sterv'ling biedt,
een zondaar, die Uw voeten kust;
een zondaar, een verlost', o Heer!
En nu geen zondaar meer.
O! neem het aan,
Gij laat geen bidder staan;
Gij hoort in hemelingen
verloste zondaars zingen;
o! neem het aan.
van die U kennen, neem het lied,
dat U in 't stof een sterv'ling biedt,
een zondaar, die Uw voeten kust;
een zondaar, een verlost', o Heer!
En nu geen zondaar meer.
O! neem het aan,
Gij laat geen bidder staan;
Gij hoort in hemelingen
verloste zondaars zingen;
o! neem het aan.
2
Waar is een vreugd, een kalmt', een heil,
zo zalig als dit hoogst genot?
Het vloeit uit God, en keert tot God,
het heeft noch maat, noch perk, noch peil;
in Jezus is mijn zalig lot
verborgen bij mijn God;
Hij is mijn lust,
ook als mijn stof eens rust.
O! prijst Hem, mijn gezangen!
Ik blijf Zijn komst verlangen;
Hij is mijn lust!
zo zalig als dit hoogst genot?
Het vloeit uit God, en keert tot God,
het heeft noch maat, noch perk, noch peil;
in Jezus is mijn zalig lot
verborgen bij mijn God;
Hij is mijn lust,
ook als mijn stof eens rust.
O! prijst Hem, mijn gezangen!
Ik blijf Zijn komst verlangen;
Hij is mijn lust!