114.Dat mij de viering van Uw lijden
's-Heeren AvondmaalPresentatie
1
Dat mij de viering van Uw lijden,
O mijn Verlosser, heilig zij.
Zij lere mij de zonde mijden,
en maak van wereldzin mij vrij!
Zij leer' mij U mijn hart te wijden,
Wiens hart nog stervend voor mij sloeg
en die in Uw geduldig lijden,
de straf, ook voor mijn zonden droeg.
O mijn Verlosser, heilig zij.
Zij lere mij de zonde mijden,
en maak van wereldzin mij vrij!
Zij leer' mij U mijn hart te wijden,
Wiens hart nog stervend voor mij sloeg
en die in Uw geduldig lijden,
de straf, ook voor mijn zonden droeg.
2
Ja, ik wil al mijne dagen,
mijn Heiland! op uw kruishout zien,
en voor al 't geen Gij hebt gedragen,
in 't hart geroerd, mijn dank U biên.
O, dat mag eerst ontferming heten,
wat Gij voor zondaars hebt gedaan!
Laat nooit ondankbaar mij vergeten
wat Gij voor mij hebt uitgestaan!
mijn Heiland! op uw kruishout zien,
en voor al 't geen Gij hebt gedragen,
in 't hart geroerd, mijn dank U biên.
O, dat mag eerst ontferming heten,
wat Gij voor zondaars hebt gedaan!
Laat nooit ondankbaar mij vergeten
wat Gij voor mij hebt uitgestaan!
3
Ik wil vol eerbied op U staren,
Gethsemané en Golgotha,
waar wij ons zagen openbaren
de volle rijkdom der genâ;
waar mijn Verlosser heeft geleden,
waar Hij versmachtte, waar Hij stierf.
Ik eer, met lofzang en gebeden,
Hem, die mij 't eeuwig heil verwierf.
Gethsemané en Golgotha,
waar wij ons zagen openbaren
de volle rijkdom der genâ;
waar mijn Verlosser heeft geleden,
waar Hij versmachtte, waar Hij stierf.
Ik eer, met lofzang en gebeden,
Hem, die mij 't eeuwig heil verwierf.